Bomans bestolen in BK Geel '95
20.06.2012 | Steven Kins
Belga
Geel is dit jaar gaststad voor het BK. Ook in 1995 werd in de Kempen gestreden om de driekleur. Na een saaie wedstrijd volgde een spannende ontknoping met drie Limburgers in de hoofdrol.
Share
Nog voor de wedstrijd was gereden, wist iedereen al wie in Geel Belgisch kampioen zou worden. Met Wilfried Nelissen beschikte Lotto-Isoglass namelijk over de allersnelste renner van het peloton. En de ploeg had de numerieke meerderheid om er moeiteloos in te slagen het pak bijeen te houden op dat biljartvlakke parcours. Het enige weerwerk moest komen van de ploegen van Johan Museeuw en Peter Van Petegem, maar Mapei-GB kon slechts 6 renners opstellen en bij TVM waren er dat zelfs nog twee minder.

MANNETJE TEKORT

Nauwelijks had het startschot weerklonken of de mannen van Lotto-Isoglass namen inderdaad de koers in handen. Het geloof in hun kopman was dan ook heel groot. Geen enkele ontsnapping werd geduld: telkens opnieuw reden de ploegmaten van Wilfried Nelissen het gat dicht. De tactiek van Lotto-Isoglass was eenvoudig maar ook krachtenslopend: op die manier werden de mannetjes natuurlijk in sneltreinvaart opgesoupeerd.

Zoals verwacht trok na meer dan vijf uur wedstrijd een nog omvangrijke groep richting aankomststreep. Maar dat was buiten Carlo Bomans gerekend: net voor de rode driehoek plaatste de Limburgse hardrijder een ultieme demarrage. Achter hem was er enige aarzeling en de renner van Mapei-GB sloeg een kloofje. In het peloton keek Wilfried Nelissen vertwijfeld om zich heen: geen enkele roodzwarte trui meer te bespeuren, geen enkele ploegmaat die het laatste gaatje voor hem kon dichtrijden. Wel merkte hij de rode trui van gouwgenoot Johan Capiot die toen voor het Italiaanse Refin reed en voor wie deze wedstrijd nauwelijks betekenis had. Capiot zag (en begreep) de blik van Wilfried Nelissen en begon meteen verwoed aan de kop te sleuren: hij bracht het peloton net op tijd terug tot in het spoor van de ongelukkige Carlo Bomans.

In de spurt toonde Wilfried Nelissen zijn meesterschap door de nog jonge Tom Steels en Johan Museeuw naar de andere podiumplaatsen te verwijzen. Achteraf deden de protagonisten nauwelijks moeite om de ongeoorloofde 'samenwerking' te ontkennen. Het leverde Wilfried Nelissen een boete op, terwijl Johan Capiot startverbod kreeg in het nationaal kampioenschap. Maar dat was de laatste van zijn zorgen. "Ik had niets persoonlijks tegen Carlo Bomans", zette Johan Capiot jaren na de feiten de puntjes op de i. "Ik moest gewoon terugdenken aan Parijs-Roubaix van twee maanden eerder, waar Franco Ballerini en Gianluca Bortolami mij kwamen halen toen ik ontsnapt was. Waarom mocht ík dan eens niet achter Mapei-GB rijden?"

Carlo Bomans, die in 1989 al eens Belgisch kampioen werd in Waregem, was heel erg ontgoocheld na de gemiste titel in Geel. "Als Capiot niet rijdt, dan win ik zonder twijfel. Maar dat is koers, zeker", lacht hij het na al die jaren wat weg. "Weet je dat ik zelfs drie Belgische titels had kunnen winnen? Ook in Halanzy in 1993 was ik er heel dicht bij. In de finale was ik in mijn eentje in de achtervolging gegaan op Guy Nulens en Alain Van den Bossche. Ik naderde snel, maar in een strook met veel wind gingen hun ploegleiders om de beurt hun renners uit de wind zetten, waardoor ik uiteindelijk bleef hangen op een twintigtal seconden."
Reacties op dit artikel